Vijf portretten, Vijf Voornemens om het Erfgoed van het Maison Hannon te laten herleven
De portretten die hier zijn verzameld, zijn gemaakt in het kader van de tentoonstelling From Home to Heritage, en geven ons een nieuwe inkijk in de geschiedenis van het Maison Hannon. In plaats van een chronologisch overzicht, zetten ze de mensen centraal die op verschillende momenten een bepalende rol hebben gespeeld in het voortbestaan, de herontdekking en de restauratie van deze bijzondere plek.
Samen vormen deze verhalen een continuïteit. Behouden, waarschuwen, beslissen, documenteren en doorgeven: elk van deze handelingen vormt een schakel in een keten die het huidige bestaan van het huis mogelijk heeft gemaakt. Geen enkele bijdrage staat op zichzelf; het is juist de samenhang tussen deze verschillende inspanningen die betekenis geeft aan de geschiedenis van het Maison Hannon.
Het Maison Hannon was de eerste plaats een huis. Denise Hannon-Chardin, dochter van het echtpaar Hannon, woonde er tot halverwege de jaren zestig. Door haar aanwezigheid bleef het huis bewoond en werd het behoed voor verval. Ze respecteerde het interieur en liet het grotendeels ongewijzigd na het overlijden van haar ouders. Toen Denise in 1965 overleed, kwam een einde aan deze continuïteit. Het huis verloor zijn oorspronkelijke functie en ging een onzekere toekomst tegemoet.
Die onzekerheid leidde echter tot nieuwe initiatieven. Marie Van Mulders-Brunfaut, dochter van architect Jules Brunfaut, kende het huis en zijn omgeving goed. Ze zette zich actief in om de achteruitgang ervan te voorkomen, alarmeerde de bevoegde instanties en droeg bij aan de bescherming van de gevel als erfgoed in 1976. Daarmee ontstond een eerste keerpunt: het besef groeide dat het Maison Hannon een waardevol onderdeel vormt van de lokale geschiedenis en bescherming verdient.
Deze erkenning vroeg om concrete verantwoordelijkheid. In 1979 besluit de gemeente Sint-Gillis, onder impuls van burgemeester Jacques Vranckx, het gebouw aan te kopen. Ondanks de slechte staat van het gebouw en het ontbreken van een duidelijke bestemming, zorgde deze beslissing ervoor dat het huis in publieke handen terechtkwam. Daarmee werd de basis gelegd voor een collectieve zorg voor het gebouw en voor een hernieuwde belangstelling voor de art nouveau.
Een volgende belangrijke figuur is Jean-Louis Godefroid. Met de vestiging van Contretype in Maison Hannon in 1988 gaf hij het gebouw een nieuwe culturele bestemming. Het huis groeide uit tot een plek voor creatie, tentoonstellingen en reflectie rond fotografie. Dankzij zijn toewijding is de dynamiek van deze plek behouden gebleven en is kreeg ook het fotografische werk van Édouard Hannon, pionier van het Belgische picturalisme, opnieuw de aandacht die het verdiende. Dankzij deze blijvende culturele aanwezigheid heeft het Maison Hannon een invloed kunnen uitoefenen die veel verder reikt dan haar architecturale erfgoed.
Ook Patrick Théry, achterkleinzoon van het echtpaar Hannon, speelde een essentiële rol in de bewaring van de herinnering aan deze plek. Hij verzamelde van foto's, archiefstukken, documenten en persoonlijke getuigenissen en hielp zo om de verspreide fragmenten van het verleden opnieuw samen te brengen. Zijn werk maakte het mogelijk de geschiedenis van het huis beter te begrijpen en door te geven aan toekomstige generaties. Samen met Contretype zorgt hij er bovendien voor dat het fotografische werk van Édouard Hannon, als boegbeeld van het Belgische picturialisme, wordt doorgegeven.
Doorheen deze verschillende trajecten ontvouwt zich een geschiedenis die bestaat uit vele verbonden schakels. Geen enkele tussenkomst was op zichzelf voldoende, maar samen maakten ze het mogelijk dat het Maison Hannon vandaag bewaard blijft, toegankelijk is voor het publiek en met vertrouwen naar de toekomst kan kijken.